Schisis

Operaties

Algemene gegevens

Bij het MUMC schisisteam geloven we dat ouders een belangrijke bijdrage leveren aan de behandeling en het herstel van uw kind. Lees deze informatie brochure goed door en kijk hoe u zelf een bijdrage kan leveren aan een succesvolle behandeling en verblijf in ons ziekenhuis.

VOORBEREIDINGEN VOOR THUIS

Voor de operatie gelden specifieke regels t.a.v. voeding en nuchterbeleid welke gevolgd dienen te worden. Als het kind niet nuchter is volgens deze door de anesthesie gestelde voorwaarden kan de operatie uitgesteld worden of dient deze opnieuw te worden ingepland. Bij de opname één dag voor ingreep komt de anesthesist bij u langs en zal met u definitieve afspraken hierover maken.

Anesthesie regels omtrent nuchterbeleid

Kinderen ouder dan 12 maanden: Na 0:00 geen vast voedsel of niet-heldere dranken meer geven. Dit geldt dus ook voor melk, babyvoeding, sappen met vruchtvlees en/ of snoep.  

Kinderen jonger dan 12 maanden:  Tot 6 uur voor de ingreep mag flesvoeding worden gegeven. Kinderen die borstvoeding krijgen mogen tot 4 uur voor de ingreep aangelegd worden.

Alle kinderen/ babies: tot 2 uur voor ingreep mag suikerwater gegeven en gedronken worden.

Bij opname kunt u verder geïnformeerd worden over het verwachte tijdstip waarop de ingreep gepland staat. Hou er rekening mee dat dit de verwachte tijd is en dat er door onvoorziene omstandigheden een vertraging kan ontstaan.

Tips om uw verblijf en opname aangenamer te maken schisisteam MUMC, maastricht, booi, bato, kinderafdeling

  • Vaak is er een aangepast voedingsbeleid (bijvoorbeeld voeding per fingerfeeder). U wordt hier vooraf ingelicht door de schisischirurg en een deskundige van de afdeling logopedie. Het is zeer raadzaam om thuis vantevoren te oefenen zodat uw kind al hieraan gewend is bij opname.
  • Na de operaties mag uw kind niet met de handjes aan de mond of neus komen. Op onze afdeling wordt meestal gewerkt met bandjes zodat de handen wel vrij zijn en wat bewegingsruimte hebben maar hierdoor toch niet bij mond kunnen komen. Door ouders wordt het inbakeren bij baby's ook als prettig ervaren en dit is ook een zeer effectieve manier om de handjes na de operatie op afstand te houden van het operatie-gebied.
  • U mag een comfort voorwerp meenemen voor uw kind. Dit kan bijvoorbeeld een knuffel zijn. Dit voorwerp mag u zowel naar de afdeling als naar de operatiekamer meenemen.

 

OPNAME EN OPERATIE schisisteam maastricht, schisis, voorbereiding op operatie kamerVoorbereiding narcose

Uw kind wordt de dag vóór de ingreep opgenomen. Bij opname komen de plastisch chirurg en de kinderanesthesioloog bij u langs om te kijken of er nog vragen of onduidelijkheden zijn over de operatie. De kinderarts kijkt uw kind ook na of er geen contra-indicatie is voor een operatie. Als uw kind bijvoorbeeld  koorts heeft of last heeft van een luchtweginfectie kan het zijn dat de operatie geannuleerd wordt. Bij transport naar de operatie kamer mag een ouder mee. Op de operatie kamer wordt de laatste controle (time-out procedure) gedaan. Bij de oudere kinderen wordt op de kinderafdeling afdeling de dag voor ingreep de inleiding van de narcose voorbereid met behulp van het pedagogisch team.

Kleine kinderen/ babies krijgen hun slaapmedicatie die gemengd is met lucht. Het is belangrijk om te weten dat dit geen pijn doet. Oudere kinderen kunnen kiezen tussen in slaap gebracht worden met een masker of via een infuus. De anesthesist kan u verder over deze opties informeren.  Nadat uw kind in slaap is kunt u afscheid nemen en wordt u weer buiten het operatiecomplex geleid. Als uw kind met een masker is slaap is gemaakt,  wordt pas als uw kind slaapt een infuus worden ingebracht (meestal op de hand of voet). Tijdens de narcose wordt uw kind continu gemonitord  aan beademingsapparatuur. Via het infuus of via de beademing wordt uw kind in slaap gehouden tot na de operatie zodat het geen pijn of herinnering hiervan heeft. Na de operatie wordt de medicatie gestopt en wordt uw kind weer wakker.

Na de operatie

  • Uw kind blijft op de uitslaapkamer totdat het goed wakker is. Ook de pijnstilling dient goed op orde te zijn voordat hij of zij naar de afdeling gaat. De tijd in de uitslaapkamer varieert omdat het bij sommige kinderen langer kan duren voordat de anesthesie uitgewerkt is.  Als uw kind goed wakker is gaat het naar de kinderafdeling waar het gedurende een nacht aan de bewakingsapparatuur wordt aangesloten.
  • Uw kind heeft na de operatie het infuus nog in. Dit blijft voorlopig zo gedurende de opname en wordt pas verwijderd als uw kind goed drinkt.
  • Kinderen komen verschillend uit de narcose. Sommigen zijn erg suf, slaperig, verward of misselijk, anderen hebben weer geen klachten. Deze reacties zijn normaal na een narcose en gaan vanzelf weg met verdere uitwerking van de narcosemiddelen.
  • Handen moeten na de operatie op afstand gehouden. Tijdens het slapen kan inbakeren bij baby's ook raadzaam zijn en dit wordt door ouders vaak als prettig ervaren. Een andere optie is het gebruik van speciale bandjes waarbij de armen wel enige bewegingsvrijheid hebben maar niet goed kunnen reiken naar de mond.
  • Na de operatie bij de lip zit er een hechtpleister op de bovenlip. Deze is om de hechtingen te ondersteunen en zorgt er ook voor dat de losgemaakte huid goed tegen de spierlaag wordt gedrukt. Deze moet tot 1 week na de ingreep blijven zitten. Bij ontslag krijgt u reserve plakkers mee, als de pleister dreigt los te komen kunt een nieuwe pleister eroverheen plakken.
  • Er kan sprake zijn van lichte zwelling en/ of enige korstvorming. Ook kan er bloed via de mond of neus komen. Verlies van een beetje bloed vermengd met slijm via de neus en/ of mond komt meer voor bij een sluiting van het gehemelte. Schrik hier niet van want dit is normaal.
  • U kunt hechtingen zien zowel bij lipcorrecties als bij de gehemeltesluiting. In het gehemelte worden altijd oplosbare hechtingen gebruikt. Bij de lipsluiting worden bij jongere kinderen ook oplosbare hechtingen gebruikt. Bij oudere kinderen wordt er bij littekencorrecties niet-oplosbaar hechtmateriaal gebruikt dat na 1 week verwijderd wordt. Uw plastisch chirurg kan u uitleggen waarom dit soms wordt gebruikt. Soms wordt er een spalkje gehecht aan de binnenzijde van de neusvleugel. Dit moet meestal 2 weken blijven zitten.
  • Uw kind krijgt na de operatie pijnstilling elke 4-6 uur. U kunt altijd overleggen met de verpleging als u vermoeden heeft dat uw kind pijn heeft.

Uw rol voor en tijdens de operatie en opname

Het meest belangrijke rol voor u als ouder is om uw kind rustig en kalm te houden voor en na de operatie. De beste manier om dit te doen is om zelf kalm en rustig proberen te blijven. U mag uw kind vaak vast houden en knuffelen. Deze geborgenheid biedt vaak troost en worden hier vaak rustig van. De eerste uren tot de avond na de operatie kunnen het lastigste zijn. Meestal gaat het daarna een stuk beter. Na een lipsluiting blijven kinderen meestal tot de volgende dag na de operatie in het ziekenhuis. Kinderen met een operatie aan de gehemelte blijven meestal 2-3 nachten in het ziekenhuis. Belangrijk hierbij is dat uw kind voldoende vocht en voedingstoffen binnen krijgt. De kinderarts zal beoordelen wanneer ontslag uit het ziekenhuis mogelijk is.

Naar Huis

  • Van de plastisch chirurg mag uw kind direct na de operatie  drinken. Meestal wordt gestart met een heldere vloeistof (suiker water) alvorens wordt overgegaan naar borstvoeding en/ of flesvoeding. Als uw kind alleen aan de lip is geopereerd dan mag u gewoon de fles of borstvoeding geven. Als uw kind ook een kaaksluiting of een operatie aan de gehemelte heeft gehad dan moet voeding via een fingerfeeder worden gegeven om het herstel van de kaak en of gehemelte te garanderen. Indien van toepassing moet de voeding via deze manier gedurende 2 weken gegeven worden. Dit wordt van tevoren met u besproken en uitgelegd zodat u zich hierop kan voorbereiden.  
  • Indien van toepassing (oudere kinderen) mag u vanaf de 2de dag de voeding uitbreiden met glad vloeibare voeding. Bijvoorbeeld yoghurt, pudding en/ of milkshake. Alles wat in de blender glad gemalen kan worden tot een consistentie vergelijkbaar met babyvoeding van 4 mnd mag gegeven worden. Belangrijk is dat het te drinken moet zijn uit een cup of beker en dat er geen grove of harde stukken in zitten. Soms moet u bij het blenderen de substantie aanlengen met een beetje water om de juiste consistentie te krijgen.
  • Belangrijk is om geen voorwerpen te geven die hij of zij in de mond kan stoppen. Ook niet laten drinken via een rietje en ook het zelf eten met een lepel is niet toegestaan.
  • Bij sluiting van de kaak en/ of operatie aan het gehemelte wordt altijd gedurende 5 dagen antibiotica gegeven.
  • Belangrijk is ook om een aantal dagen pijnstilling te geven en niet te snel af te bouwen als u naar huis gaat. Als uw kind toch pijnklachten krijgt kan ze minder goed gaan eten.
  • Het is raadzaam om uw kind 1-2 weken thuis te houden en rustig aan te doen voor een optimaal herstel. 

Wanneer contact

De plastisch chirurg en afdeling doet altijd hun best om ervoor te zorgen dat u veilig naar huis kan gaan. Neemt niet weg dat er complicaties kunnen optreden. Gelukkig is dit zeer zeldzaam. Bij volgende signalen moet u contact met ons opnemen

  • Koorts
  • Problemen met ademhaling (bv toename van snurken tijdens slapen t.o.v opname)
  • Bloedverlies en/ of vieze geur uit de neus/mond
  • Bij niet voldoende inname van voeding/ vocht

Indien er thuis problemen zijn kunt u tijdens kantooruren contact nemen met de poli plastische chirurgie. Ook kunt u contact opnemen met Carmen Kleijnen (casemanager schisisteam). Buiten kantoor uren kunt u de eerste hulp bellen en die zullen u doorverbinden met de dienstdoende plastisch chirurg. De dienstdoende plastisch chirurg zal contact opnemen met uw behandelend schisischirurg en verder met u afspreken welke stappen u moet nemen.

Na de operatie

1 week na de operatie krijgt u een afspraak op onze poli. Hier zullen wij de pleister verwijderen. U krijgt hier instructies hoe u het litteken verder kan behandelen zodat dit zo mooi mogelijk gaat genezen. Tevens krijgt u litteken crème en instructies per wanneer en hoe u die moet gebruiken.  De mate van littekenvorming is verschillend tussen per persoon. Soms is er later een correctie van het litteken nodig.

Contact

Carmen Kleijnen (casemanager):  tel 043-3876586 of email: c.kleijnen@mumc.nl